In het kort:
Europa's afhankelijkheid van Amerikaanse AI wordt steeds meer gezien als een strategische kwetsbaarheid, vooral nu de politieke spanningen tussen de VS en Europa toenemen.
- Europese regeringen hebben honderden miljoenen dollars geïnvesteerd om hun afhankelijkheid van Amerikaanse AI-leveranciers te verminderen.
- Het succes van DeepSeek toont aan dat slimme algoritmes belangrijker zijn dan de grootste GPU-clusters, wat nieuwe hoop geeft aan Europese onderzoekers.
- Open source ontwikkeling wordt gezien als Europa's troefkaart: door modellen publiek beschikbaar te maken kunnen doorbraken sneller worden verfijnd door samenwerking.
Het grote plaatje:
De politieke realiteit dwingt Europa tot actie. Rosaria Taddeo van Oxford University waarschuwt dat Europa te lang heeft geloofd in het verhaal dat innovatie alleen in de VS plaatsvindt.
- Recente botsingen over X en andere Amerikaanse techplatforms illustreren hoe technologie-afhankelijkheid een onderhandelingsinstrument wordt.
- Het SOOFI-project, geleid door Wolfgang Nejdl, wil binnen een jaar een competitief taalmodel van 100 miljard parameters uitbrengen.
- "We zullen de Europese DeepSeek worden," stelt Nejdl optimistisch.
Wat volgt:
Europa staat voor strategische keuzes over digitale soevereiniteit. Betekent dit volledige zelfvoorziening of alleen betere alternatieven? Het antwoord bepaalt of Europa afhankelijk blijft van Amerikaanse AI of een eigen weg kan inslaan in het tijdperk van kunstmatige intelligentie.



